Hieronder lees je hoe je Kattenkwaad speelt. Deze uitleg is gebaseerd op de officiële spelregels van 999 Games. Kattenkwaad is een tactisch familiespel voor 2 tot 4 spelers waarin reusachtige katten over een platte wereld lopen en huisjes van de rand duwen. Het spel is ontworpen door Gareth Edwards.
Doel van het spel
Je beschermt je eigen huizen tegen de katten en zorgt er tegelijk voor dat de huizen van je tegenstanders van het speelbord vallen. Zodra er nog maar één speler huizen op het bord heeft staan, wint die speler het spel.
Voorbereiding
- Draai de binnendoos om. Op de onderkant staat het speelbord gedrukt en daar speel je op.
- Zet 1 kat op het middelste veld, herkenbaar aan de pootafdruk. De andere 3 katten blijven voorlopig naast het speelbord staan.
- Iedere speler kiest een kleur en pakt de bijbehorende huizen. Bij 2 spelers zijn dat er 10 per speler, bij 3 spelers 7 per speler en bij 4 spelers 6 per speler.
- Kies voor aanvang welke spelversie jullie spelen. Bij De chille katten speel je langzamer en tactischer, bij De rennende katten sneller en chaotischer.
- Plaats de huizen. De jongste speler begint, daarna gaat het met de klok mee. Je zet steeds 1 huis op een genummerd veld tot alle spelers al hun huizen hebben geplaatst. Gebruik alleen de velden met de nummers die bij jullie spelersaantal horen. Bij 2 spelers zijn dat de velden met een 2, bij 3 spelers de velden met een 2 en een 3, en bij 4 spelers de velden met een 2, 3 of 4.
- Verdeel de bomen. Bij 2 spelers krijgt iedere speler 2 bomen, bij 3 of 4 spelers krijgt iedere speler 1 boom.
- Plaats de bomen. De speler die als laatste een huis plaatste begint, daarna gaat het tegen de klok in. Je zet je boom op een leeg veld. Een boom mag niet direct grenzen aan een andere boom of aan de kat, waarbij diagonaal ook als grenzend telt.
- Schud de bewegingskaarten en geef iedere speler 2 kaarten. De rest komt als gedekte trekstapel op tafel.

Spelverloop
Er wordt met de klok mee gespeeld. De speler die het laatst gevaarlijk dicht langs de rand van de aarde heeft gezeild, is startspeler.
In je beurt voer je drie stappen uit in vaste volgorde.
1. Kaarten trekken
Bij De chille katten trek je 1 kaart van de trekstapel. Bij De rennende katten trek je er 2.
2. Bewegingskaarten spelen
Je speelt maximaal 4 bewegingskaarten. Je mag er ook minder of helemaal geen spelen.
Elke kaart verplaatst 1 kat en toont een pad met een richting en het aantal velden dat de kat aflegt. Voordat de kat vertrekt, mag je het pad draaien in de richting die jou het beste uitkomt. Spiegelen is niet toegestaan. Zodra de kat begint te bewegen, volgt hij het getoonde pad exact.
Je mag in je beurt meerdere katten verplaatsen, maar één kaart beweegt altijd maar één kat. Die kat moet de volledige beweging uitvoeren.
Ligt er tijdens de beweging een huis direct op het pad van de kat, dan duwt de kat dat huis steeds 1 veld verder. Staan er meerdere huizen achter elkaar, dan schuiven ze allemaal mee. Wordt een huis over de rand geduwd, dan valt het van het speelbord en is het uit het spel.
Een kaart mag je niet spelen als de beweging ervoor zou zorgen dat de kat zelf van het speelbord valt of tegen een boom of een andere kat botst.
3. Handkaarten controleren
Aan het einde van je beurt mag je niet meer dan 4 kaarten in je hand hebben. Leg zo nodig kaarten af tot je er 4 overhoudt. Gespeelde en afgelegde kaarten gaan op een open aflegstapel.

Bomen als blokkade
Bomen blijven het hele spel staan waar ze zijn geplaatst. Katten kunnen niet door een boom heen bewegen en kunnen een boom ook niet wegduwen. Een huis kun je niet in een boom duwen. Huizen die achter een boom staan zijn daardoor veilig voor katten die uit die richting komen.
Katten in het spel
Aan het begin van het spel loopt er slechts 1 kat op het speelbord rond. Elke keer dat de trekstapel op is, schud je de aflegstapel en gebruik je die als nieuwe trekstapel. Op datzelfde moment zet je een extra kat op het middelste veld. Staat daar al een andere kat, dan plaats je de nieuwe kat op dat veld zodra de andere kat is verplaatst.
Alle katten op het speelbord zijn actief en kunnen door iedere speler worden verplaatst. Er staan nooit meer dan 4 katten op het bord. Hoe meer katten er rondlopen, hoe onvoorspelbaarder het spel wordt.
Speciale kaarten
Speciale kaarten tellen mee bij de maximaal 4 kaarten die je in je beurt mag spelen. Er zijn drie soorten.
Teleporteren. Verplaats een kat naar een leeg veld naar keuze.
Kattenkruid. Verplaats een kat naar het middelste veld. Dit kan alleen als dat veld leeg is.
Huizen ruilen. Verwissel twee huizen naar keuze op het speelbord met elkaar.
Spelversies
De chille katten. Je trekt 1 kaart per beurt. Het spel verloopt langzamer en je hebt meer ruimte om je zetten te plannen.
De rennende katten. Je trekt 2 kaarten per beurt. Er komen sneller kaarten in omloop, de trekstapel raakt eerder op en er verschijnen dus ook eerder extra katten. Dat maakt het spel korter en chaotischer.
Alle overige regels zijn in beide versies gelijk. Kies de versie voor aanvang van het spel.

Uitgeschakeld
Heb je geen huizen meer op het speelbord staan, dan lig je uit het spel. Leg je handkaarten op de aflegstapel. De overige spelers spelen verder.
Einde van het spel en puntentelling
Er is geen puntentelling in Kattenkwaad. Zodra er nog maar één speler huizen op het speelbord heeft staan, eindigt het spel direct. Die speler wint.