Project Skyline Review

Avatar foto
Koop Spel

Een tactisch deckbuildingspel waarin nieuwkomers snel meebouwen en ervaren spelers elkaars torens inpikken

In Project Skyline groeit de skyline van New York of Tokyo verdieping voor verdieping. Toch is geen enkele toren helemaal van jou. Zet een tegenspeler er een laag bovenop, dan hoort het gebouw ineens bij die ander en ben je je verbinding met dat ene waardevolle monument kwijt.

Project Skyline is het eerste spel van de Duitse ontwerper Florian Maas. Het verscheen eerder dit jaar bij het Oostenrijkse Piatnik en de Nederlandse editie is van 999 Games. Je combineert deckbuilding, waarbij je tijdens het spel je eigen stapel kaarten verbetert, met een strijd om de beste plekken op een gedeeld speelbord. In deze review lees je hoe die twee mechanieken in elkaar grijpen en voor welke spelers dit spel een aanrader is.

Vastgoed in art deco

Je kruipt in de huid van een bouwonderneming die in een wereldstad zoveel mogelijk geld wil verdienen. Dat geld is in Project Skyline meteen ook je score. Daarin zit de thematische kern van het spel, want elke investering in betere kaarten zet je eerst een paar stappen terug op het geldspoor. Net als een echte projectontwikkelaar moet je dus eerst uitgeven voordat er iets binnenkomt.

De stad is verdeeld in gebieden in vier kleuren, van groene recreatiegebieden tot rode industriegebieden. Diezelfde kleuren keren terug als symbolen op je kaarten, zodat je hand bepaalt in welke wijken je deze beurt kunt bouwen. Verder dan dat reikt het thema niet. Een woongebied speelt in de kern hetzelfde als een kantoorgebied en de monumenten zijn vooral bonusvelden met een mooi plaatje. Toch voelt het bouwen tastbaar, omdat de stad tijdens het potje letterlijk de hoogte in gaat. Halverwege staan er torens van vijf of zes lagen en zie je in één oogopslag waar de strijd het felst was.

Illustrator Lars Besten koos voor een art-decostijl die past bij de wolkenkrabbers uit de jaren twintig en dertig. De doos, de kaarten en de karaktertableaus hebben zachte pasteltinten met goudkleurige lijnen. Op elk van de vier dubbelzijdige tableaus staat een andere bouwer. De verdiepingen zijn plastic lagen in vier kleuren die je op elkaar stapelt. Het speelbord is dubbelzijdig, met New York City aan de ene kant en Tokyo aan de andere. Op beide kanten ligt de stad omringd door water en loopt het geldspoor langs de rand. Een leuk detail is de startpion, een kartonnen wolkenkrabber die je uit vier delen in elkaar zet. De kaarten werken met duidelijke symbolen en een korte tekst. Elke kaart heeft een kengetal, waarmee je de uitgebreide uitleg achter in de spelregels snel terugvindt.

Spelmateriaal

  • 120 lagen (30 per kleur, in vier kleuren)
  • 94 kaarten: 32 startkaarten (4 sets van 8), 28 basiskaarten en 34 opwaardeerkaarten
  • 4 dubbelzijdige karaktertableaus
  • 4 geldstenen en 4 opwaardeerstenen in vier kleuren
  • 3 bouwplaatsfiches
  • 6 blokkadefiches
  • 1 basismarkt
  • 1 opwaardeermarkt
  • 1 startpion (bestaande uit 4 delen)
  • 1 dubbelzijdig speelbord (New York City en Tokyo)
  • Spelregels

Opzet van het spel

  1. Leg het speelbord met de gewenste kant naar boven in het midden van de tafel. Voor het eerste potje raden de spelregels de kant met New York City aan.
  2. Speel je met twee of drie spelers, leg dan een blokkadefiche op elk veld met het blokkadesymbool. Op die velden mag niemand bouwen.
  3. Leg de basismarkt en de opwaardeermarkt naast het speelbord.
    • Sorteer de basiskaarten op kleur en leg ze open op de bijbehorende plekken van de basismarkt.
    • Schud de opwaardeerkaarten, leg er 4 open in de opwaardeermarkt en leg de rest als gedekte stapel ernaast.
  4. Bepaal wie de startpion krijgt.
  5. Iedere speler neemt een karaktertableau en de 30 lagen, de geldsteen en de opwaardeersteen in de bijbehorende kleur. Leg je opwaardeersteen op het onderste veld van het opwaardeerspoor op je tableau.
  6. Zet de geldstenen op het geldspoor. De startspeler begint op het veld met markering I, de volgende speler met de klok mee op markering II, enzovoort.
  7. Iedere speler neemt een set van 8 startkaarten, schudt die en legt ze als gedekte trekstapel links naast het eigen tableau. Trek de bovenste 4 kaarten op hand.
  8. De bouwplaatsfiches gebruik je alleen in een spel met twee spelers.
  9. Leg al het overgebleven materiaal terug in de doos.

Hoe speel je Project Skyline?

Je probeert aan het einde van het spel het meeste geld te hebben. Dat geld verdien je met slim bouwen op het speelbord, maar je geeft het ook uit om je kaarten te verbeteren. Jullie spelen met de klok mee en elke beurt doorloop je vijf vaste stappen, die ook onderaan je karaktertableau staan.

Je beurt begint met de keuze om je kaarten te verbeteren. Je mag een kaart uit de basismarkt kopen en meteen op hand nemen, of je waardeert een handkaart op. Bij opwaarderen betaal je het bedrag dat op je opwaardeerspoor boven je steen staat en schuif je die steen een veld omhoog, zodat de volgende keer duurder wordt. Daarna verwijder je een handkaart uit het spel en neem je er een opwaardeerkaart voor terug die minstens één symbool met de verwijderde kaart deelt. Deze stap mag je ook overslaan.

Met de kaarten in je hand kies je vervolgens één gebiedssymbool. Je speelt zoveel kaarten met dat symbool als je wilt en voert hun effecten een voor een uit. De meeste kaarten laten je lagen bouwen, bijvoorbeeld één laag in een woongebied of twee lagen op hetzelfde veld. Je mag bouwen op een leeg veld of bovenop een bestaand gebouw, ongeacht wiens laag daar ligt. Alleen de bovenste laag van een gebouw telt. Een gebouw mag hoogstens zeven lagen hoog worden. Bouw je als eerste op een veld met een bonus, dan krijg je geld of schuif je je opwaardeersteen een veld omlaag, waardoor opwaarderen weer goedkoper wordt.

Na het bouwen kijk je naar de monumenten. In New York City krijg je de bonus van elk monument dat je via een doorlopende keten van je eigen bovenste lagen met de centrale bezienswaardigheid hebt verbonden. Velden die met een veerboot verbonden zijn, gelden daarbij als aangrenzend. In Tokyo is er geen centrale bezienswaardigheid en telt alleen hoeveel van je bovenste lagen aan een monument grenzen. Die bonussen krijg je elke beurt opnieuw zolang je aan de voorwaarde voldoet. Ze leveren geld of een goedkopere opwaardering op. In Tokyo kan een monument je ook een gratis kaart uit de basismarkt opleveren.

Bouw je op het laatste lege veld van een gebied, dan scoor je dat gebied. Je telt alle lagen in het gebied, ook de overbouwde. Op de waardetabel zie je dan hoeveel het gebied waard is. De speler met de meeste bovenste lagen krijgt dat bedrag en de nummer twee krijgt de helft. Elk gebied scoor je maar één keer, al mag je er daarna gewoon verder bouwen. Je sluit je beurt af door eventueel kaarten af te leggen en weer aan te vullen tot vier kaarten. Is je trekstapel op, dan schud je je aflegstapel tot een nieuwe trekstapel.

Zodra iemand het goudkleurige veld op het geldspoor bereikt, maken jullie de ronde af en spelen jullie nog één extra ronde. Daarna leveren je kaarten hun geldwaarde op, die bij sommige kaarten negatief is. De speelbordkant bepaalt de eindbonus. In New York City krijg je 5 voor elk gebouw van zeven lagen waarvan jij de bovenste laag hebt. In Tokyo hangt de bonus af van het aantal verschillende gebieden waarin je minstens één laag hebt liggen. De speler die op het geldspoor het verst staat, wint.

Met twee spelers mag je een nieuw gebouw alleen beginnen in een gebied met een bouwplaatsfiche. Na elke gebiedstelling verplaatst de speler die de telling veroorzaakte dat fiche naar een gebied dat nog helemaal onbebouwd is.

De volledige speluitleg is terug te lezen in de spelregels.

Bovenop is de enige plek die telt

Project Skyline speel je met twee tot vier spelers. Met drie of vier spelers is de stad het drukst en ligt er bijna elke beurt wel ergens een laag van je onder die van een ander. Met twee spelers blokkeren fiches een deel van het speelbord en begin je nieuwe gebouwen alleen in het gebied met een bouwplaatsfiche. Daardoor zitten jullie elkaar ook dan dicht op de huid, omdat de strijd zich steeds op één plek concentreert.

Een potje duurt drie kwartier tot een uur. Het eerste potje ben je wat langer bezig, omdat je de effecten van de opwaardeerkaarten nog opzoekt in de appendix achter in de spelregels. Daarna gaan de beurten vlot, want je kiest maar één symbool en speelt alleen de kaarten die daarbij passen.

Die vaste opbouw maakt het spel goed te volgen. De uitgever adviseert het vanaf twaalf jaar en dat is terecht. De regels zelf zijn snel uitgelegd, maar het spel vraagt om vooruitdenken dat jongere kinderen lastig zullen vinden. Op het eerste gezicht lijkt het een familiespel met mooie torens, terwijl er een krappe economie onder zit.

Die krapte bepaalt het tactische spel. Elke munt die je uitgeeft, staat ook niet meer op je score. Een kaart kopen in de eerste beurten voelt daardoor als een gok die zich nog moet terugbetalen. Opwaarderen kost de eerste keer 1 en loopt op tot 5, dus je denkt goed na welke kaart je inruilt. Een startkaart die alleen 1 geld oplevert, wil je snel kwijt, want elke keer dat je hem trekt, bouw je met die plek in je hand niets. Ook de monumenten vragen om timing. Een vroege verbinding loont, omdat je de bonus daarna elke beurt opnieuw krijgt. Dat maakt zo’n keten meteen kwetsbaar, want één tegenspeler die een laag op jouw gebouw zet, kan hem doorbreken.

Geluk speelt een kleinere rol dan je bij een kaartspel zou verwachten. Je stapel kaarten blijft klein, waardoor je je goede kaarten vaak terugziet. Wel kan een hand met de verkeerde symbolen een beurt weinig opleveren. Kaarten met meerdere symbolen helpen daartegen. Er is ook een opwaardeerkaart die de speler met het minste geld een extra kaart laat trekken, zodat je niet hopeloos achteropraakt.

Het meeste gebeurt tussen de spelers. Je bouwt bovenop het gebouw van een ander en neemt het daarmee over, voor de gebiedstelling en voor de keten naar een monument. Timing speelt evengoed mee, want met het laatste lege veld van een gebied bepaal je zelf wanneer dat gebied scoort. Sta je op dat moment voor, dan sluit je het af voordat iemand kan terugslaan. Zo kijk je ook buiten je eigen beurt gespannen mee, al kun je in die tijd weinig anders doen dan hopen dat je toren blijft staan. Kun je slecht tegen een beetje pesten, dan zul je je hieraan ergeren.

De twee speelbordkanten spelen verschillend. In New York City draait alles om ketens vanaf het centrum en om torens van zeven lagen voor de eindbonus, terwijl je in Tokyo juist breed uitwaaiert over zoveel mogelijk gebieden. De opwaardeermarkt verandert doordat er na elke gebiedstelling een kaart verdwijnt. Daardoor werk je elk potje met andere kaarten en dus met andere plannen.

Voor bouwers met een dikke huid

Project Skyline past het best bij je als je houdt van een spel waarin je elkaar mag dwarszitten. Ken je deckbuilding al, dan herken je de basis meteen. Toch draait het hier minder om lange kaartcombinaties en meer om waar en wanneer je je lagen neerzet. Gezinnen met kinderen vanaf twaalf jaar kunnen er goed mee uit de voeten, omdat de beurt overzichtelijk blijft. Wel moet niemand het erg vinden dat zijn mooiste toren wordt ingepikt.

Bouw je liever rustig aan je eigen plan zonder dat iemand eraan komt, dan zit je bij dit spel niet goed. Hetzelfde geldt als je van deckbuilding vooral grote combinaties verwacht, want met vier kaarten per beurt blijft je hand bescheiden.

Het spel komt het best tot zijn recht met drie spelers. Dan is er genoeg strijd om de bovenste lagen, terwijl je nog kunt overzien wat iedereen van plan is. Met vier spelers kan er tussen twee van jouw beurten veel veranderen.

Vergelijkbare spellen

Tower Up ligt het dichtst bij Project Skyline, met vergelijkbare plastic verdiepingen en een skyline die tijdens het spel groeit. Daar verzamel je grondstoffen in plaats van een eigen stapel kaarten op te bouwen. Je zit elkaar er ook veel minder dwars. Het spel is in Nederland alleen in een Engelstalige editie te koop. De Zoektocht naar El Dorado van 999 Games werkt net als Project Skyline met een hand van vier kaarten waarmee je een speelbord bespeelt. Daar race je naar de finish, terwijl je hier om dezelfde plekken vecht. Wil je deckbuilding zonder speelbord, dan is Dominion de klassieker waarin het opbouwen van je stapel kaarten het hele spel is.

Conclusie

Project Skyline is een geslaagd debuut van Florian Maas. Het spel combineert een kleine stapel kaarten met een gedeelde stad waarin alleen de bovenste laag van een gebouw telt. Juist die regel maakt elk potje spannend, omdat geen enkele toren veilig is. Doordat geld zowel je score als je betaalmiddel is, voelt elke aankoop als een echte afweging. De twee speelbordkanten spelen duidelijk anders en de beurt blijft overzichtelijk. Daar staat tegenover dat het thema vooral aankleding is en dat het vele overbouwen niet bij iedereen in de smaak zal vallen. Vind je het geen probleem dat je toren wordt ingepikt, dan krijg je een tactisch spel dat binnen een uur klaar is.

Toegankelijkheid: ★★★★☆
De vijf vaste stappen staan op je tableau, alleen de kaarteffecten vragen eerst om de appendix.

Tactiek: ★★★★☆
Wanneer je investeert en waar je bouwt, bepaalt het verloop van het hele potje.

Geluk: ★★☆☆☆
Je stapel kaarten blijft klein, waardoor je je goede kaarten vaak terugziet.

Interactie: ★★★★★
Overbouwen en het afsluiten van gebieden raken iedere speler bijna elke beurt.

BRDGMZ ontving van de uitgever een recensie-exemplaar van Project Skyline. Dit heeft geen invloed op ons oordeel. Lees er meer over in ons reviewbeleid.

Positief

  • Alleen de bovenste laag telt, waardoor elk gebouw van eigenaar kan wisselen
  • Geld is score en betaalmiddel tegelijk, dus elke aankoop is een afweging
  • Twee speelbordkanten met eigen monumentregels en een eigen eindbonus
  • Overzichtelijke beurt in vijf vaste stappen
  • Fraaie art-decovormgeving en een stad die echt de hoogte in gaat

Negatief

  • Veel overbouwen, wat niet iedereen leuk vindt
  • Het thema blijft vooral aankleding
  • De eerste potjes zoek je kaarteffecten op in de appendix
8

Erg goed

Avatar foto
Pieter-Jan van Zwieten is het gezicht achter BRDGMZ en werkt als Communications & Media Professional. Als gepassioneerde bordspelliefhebber verdiept hij zich graag in slimme spelmechanieken, verrassende thema’s en de verhalen die spellen kunnen vertellen. Zijn liefde voor wetenschap en geschiedenis voeden die nieuwsgierigheid, waardoor hij bordspellen niet alleen als ontspanning ziet, maar ook als een middel om mensen te verbinden en de geest te scherpen. Dankzij zijn achtergrond in communicatie weet hij complexe ideeën helder te verwoorden en toegankelijk te maken. In zijn reviews combineert hij spelplezier met inhoud — scherp, eerlijk en altijd met oog voor detail.

Lost Password

Meld je aan voor de BRDGMZ nieuwsbrief en ontvang elke maand een compact overzicht van de nieuwste spellen en reviews in je mailbox. Als abonnee blijf je gelijk ook op de hoogte van het laatste nieuws en exclusieve winacties!