Twee dwergen, één mijn en zes kaarten waaronder misschien goud ligt. In Saboteur: Het Duel graaf je met zijn tweeën een gangenstelsel, maar van samenwerken is weinig sprake. Je tegenstander weet precies aan welke kant je staat en maakt zonder aarzelen je houweel kapot zodra je te dicht bij een goudader komt.
Saboteur: Het Duel is de tweespelersversie van het bekende kaartspel Saboteur, opnieuw bedacht door Frederic Moyersoen. Het verscheen bij Amigo en de Nederlandse editie is van 999 Games. Je speelt het met twee spelers of alleen en een potje duurt ongeveer een half uur. De geheime rollen van het origineel zijn verdwenen en daarvoor in de plaats komen deuren, trollen, sleutels en goud dat je onderweg opeist. Hieronder lees je of het saboteren met zijn tweeën net zo leuk is als met een volle groep.
Twee dwergen in één mijn
Het thema is hetzelfde als in het gewone Saboteur. Je bent een dwerg met een rode puntmuts die zich een weg door de rots hakt, op zoek naar goud. Het verschil is dat er geen geheimen meer zijn. Je speelt de blauwe of de groene dwerg en die kaart ligt vanaf het begin open voor je neus. Iedere dwerg heeft een eigen startkaart met een ladder en graaft vanuit daar naar zes gedekte doelkaarten.
Die doelkaarten zijn een stuk gevarieerder dan in het origineel. Achter sommige ligt goud, achter andere alleen steen en op een deel staat een deur in de kleur van een van beide dwergen. Tussen de gewone gangenkaarten zitten eveneens nieuwe soorten. Een deur in jouw kleur kan alleen jij passeren, tenzij je tegenstander een sleutel vindt. Een trol blokkeert de gang tot iemand hem omkoopt met een goudstuk. Een gang met een ladder sluit automatisch aan op je startkaart, zodat je ineens ergens anders in de mijn verder kunt graven. Doordat al die kaarten iets uitbeelden wat je je bij een mijn voorstelt, onthoud je hun functie snel. Het thema stuurt hier de regels in plaats van andersom.
De doos is net zo klein als die van het basisspel en bevat 74 kaarten met een handjevol kartonnen fiches, twee sleutels en twee dwergen op een voetje. Die dwergen kun je in plaats van de dwergenkaarten gebruiken, al voegen ze weinig toe. De tekeningen van Andrea Boekhoff zijn vrolijk en cartoonesk, met grijsblauwe rotswanden en hier en daar een skelet in een gang. Let wel op je tafelruimte. Het doosje is klein, maar de mijn die jullie samen leggen wordt al snel breder dan een gemiddelde salontafel.

Spelmateriaal
- 36 gangenkaarten, waaronder 2 startkaarten
- 18 actiekaarten
- 18 doelkaarten
- 2 dwergenkaarten
- 8 dwergenfiches
- 2 sleutels
- 2 dwergen met voetje
- Spelregels
Opzet van het spel
- Sorteer de kaarten in gangenkaarten, actiekaarten, doelkaarten en dwergenkaarten.
- Kies elk een dwerg en leg de dwergenkaart open voor je neer. Je kunt ook de dwerg met voetje gebruiken.
- Zoek de twee startkaarten met een ladder en een dwergenmuts uit de gangenkaarten en leg ze op tafel volgens de afbeelding in de spelregels.
- Schud de doelkaarten en leg er zes gedekt op tafel volgens dezelfde afbeelding. De overige doelkaarten heb je pas in de volgende rondes nodig.
- Schud de overige 34 gangenkaarten met alle actiekaarten en geef elke speler zes handkaarten. De rest vormt de gedekte trekstapel.
- Leg de acht dwergenfiches en de twee sleutels binnen handbereik.
- De groene dwerg begint.
Solospel
- Kies één dwerg en leg de andere dwergenkaart en startkaart terug in de doos. Je gebruikt zes dwergenfiches.
- De afstand tussen de startkaart en de doelkaarten is zeven kaarten in plaats van vier.
- Leg aan het begin van elke ronde tien willekeurige kaarten van de trekstapel opzij.
Hoe speel je Saboteur: Het Duel?
Je speelt drie rondes en wie dan de meeste goudstukken heeft verzameld, wint. Goud vind je op doelkaarten en op een paar gangenkaarten. Zodra je met een ononderbroken gang vanaf jouw startkaart zo’n goudkaart bereikt, leg je er een dwergenfiche met jouw kleur op. Dat goud is aan het einde van de ronde van jou, ook als iemand de gang later onderbreekt.
In je beurt kies je één van vier acties en trek je daarna kaarten bij. Meestal leg je een gangenkaart aan. Net als in het basisspel moeten de gangen aan alle kanten aansluiten en mag je geen kaart dwars leggen. De nieuwe kaart moet bovendien via een ononderbroken gang verbonden zijn met jouw eigen startkaart. Lopen jouw gangen en die van je tegenstander in elkaar over, dan mogen jullie allebei van die gedeelde route gebruikmaken. Bereik je een doelkaart, dan draai je hem om en leg je hem zo dat hij aansluit op de gangen ernaast.
In plaats van een gang te leggen kun je een actiekaart spelen. Met een sabotagekaart leg je kapot gereedschap voor je tegenstander neer, waardoor die geen gangenkaarten meer mag leggen. Met een reparatiekaart haal je zo’n kaart bij jezelf weer weg. Een sleutelkaart opent een deur in de kleur van je tegenstander, een instortingkaart haalt een gangenkaart uit de mijn en met een schatkaart bekijk je in het geheim een doelkaart. Na al die acties trek je één kaart.
De derde actie is nieuw. Je mag twee handkaarten afleggen om een sabotagekaart voor je te verwijderen. Daarna trek je maar één kaart, dus je hand wordt voor de rest van de ronde een kaart kleiner. Als laatste kun je passen door één of twee kaarten af te leggen. Dan trek je er evenveel terug.
Onderweg kom je trollen tegen die een gang blokkeren. Wil je erlangs, dan leg je een dwergenfiche op de trol. Aan het einde van de ronde betaal je hem één goudstuk en wisselgeld bestaat niet, dus heb je alleen een kaart met drie goudstukken, dan ben je die kwijt. Een omgekochte trol laat daarna allebei de dwergen door.
Een ronde eindigt zodra alle zes doelkaarten zijn omgedraaid, alle acht dwergenfiches op tafel liggen of de trekstapel op is en niemand nog kaarten heeft. Je neemt dan de goudkaarten met jouw fiches en betaalt je trollen. De speler met het minste goud begint de volgende ronde.
In het solospel probeer je in drie rondes zoveel mogelijk goud te verzamelen. Trek je een sabotagekaart, dan moet je die meteen voor jezelf neerleggen. Een getrokken instortingkaart haalt automatisch je laatst gelegde gangenkaart weg. Aan het einde zie je in een tabel hoe goed je het gedaan hebt.
De volledige speluitleg is terug te lezen in de spelregels. Of bekijk de video met speluitleg hieronder.
Saboteren zonder iets te verbergen
Saboteur: Het Duel is gemaakt voor twee spelers en zo speel je het ook het best. Er zit een solovariant in, maar die is vooral een puzzel tegen de trekstapel waarin je sabotage over je heen krijgt zonder dat er iemand tegenover je zit. Een potje met twee duurt ongeveer een half uur en een ronde is snel voorbij, omdat de mijn met zes doelkaarten en acht fiches vlot volloopt. De regels zijn geschikt voor kinderen vanaf acht jaar, al vraagt het spel meer uitleg dan het origineel. De deuren, trollen, ladders en bruggen hebben elk hun eigen regeltje. Samen met het betalen zonder wisselgeld zoek je die de eerste ronde een paar keer op.
Die extra kaarten maken het spel wel tactischer dan het lijkt. Omdat je met een gedeelde route ook je tegenstander helpt, denk je bij elke gangenkaart na over waar je hem legt. Een bocht die jou naar een doelkaart brengt, kan je tegenstander net zo goed een kortere weg geven. Een deur in jouw kleur is daarom goud waard, want daarachter kan alleen jij verder. Met een schatkaart weet je welke doelkaart de moeite waard is en kun je je tegenstander laten graven naar een kaart waar alleen steen achter ligt.
Toch bepalen de kaarten in je hand voor een groot deel wat je kunt doen. Krijg je een sabotagekaart voor je en heb je geen passende reparatie, dan blijft er weinig over dan twee kaarten afleggen of passen. Doe je dat twee keer, dan speel je de rest van de ronde met vier kaarten terwijl je tegenstander er nog zes heeft. Met het goud is het niet anders. Trek je een gangenkaart met goud die je meteen naast je eigen gang kunt leggen, dan heb je zonder veel moeite een goudstuk binnen. De geluksfactor is daardoor sterk aanwezig.
Dat geluk is sterker aanwezig dan in het basisspel, omdat de bluf is verdwenen. In het gewone Saboteur heeft een kapot houweel betekenis, want je denkt dat iemand een saboteur is en die beschuldiging levert aan tafel discussie op. Met zijn tweeën weet je precies wie jou dwarszit en waarom. Als je een sabotagekaart in je hand hebt, speel je hem gewoon, want je tegenstander zou hetzelfde doen. De interactie is daardoor hoog, maar ook vrij gemeen. Je zit elkaar het hele potje dwars met kapot gereedschap, instortingen en trollen die je tegenstander moet betalen. Als jij en je medespeler dat type spel met een knipoog spelen, levert dat leuke momenten op. Als een van jullie er slecht tegen kan, wordt het een frustrerend half uur.
Elke ronde ligt de mijn anders en met achttien doelkaarten zie je per ronde maar een derde van de mogelijke doelen. Daardoor verloopt geen potje hetzelfde. Wel zijn de keuzes elke ronde vergelijkbaar, waardoor je na een handvol potjes weinig nieuws meer ontdekt.
Voor twee spelers die tegen een plaagstoot kunnen
Saboteur: Het Duel past het best bij twee spelers die een kort en luchtig kaartspel zoeken en het niet erg vinden om elkaar flink dwars te zitten. Denk aan een stel dat een spelletje voor een doordeweekse avond wil of een ouder die met een kind van een jaar of acht wil spelen. Het doosje is klein en goedkoop, waardoor het makkelijk mee op vakantie gaat. Zorg dan wel voor een ruime tafel.
Ken je het gewone Saboteur en vind je het verdenken van je medespelers het leukste deel, dan mis je dat hier volledig. Er valt niets te raden en niets te bluffen. Ook spelers die een hekel hebben aan geluk of aan kaarten die je beurt volledig blokkeren, kunnen dit spel beter laten liggen. De solovariant is een aardige toevoeging, maar geen reden om het spel te kopen.
Andere spellen voor twee mijnwerkers
Het basisspel Saboteur is de logische vergelijking. Daar graaf je met drie tot tien spelers en draait alles om de verborgen rollen. Met een groep is dat de beste keuze, omdat het saboteren daar een reden heeft. Het Duel gebruikt hetzelfde aanleggen van gangen, maar maakt er een rechtstreeks gevecht tussen twee spelers van.
Lost Cities van 999 Games is een goed alternatief als je een vlot kaartspel voor twee zoekt met dezelfde speelduur. Je speelt daar kaarten in oplopende volgorde uit om expedities te financieren en houdt in de gaten welke kaarten je tegenstander nodig heeft. Je zit elkaar daar ook dwars, maar op een stillere manier, door kaarten niet af te leggen in plaats van iemands gereedschap kapot te maken.
Conclusie
Saboteur: Het Duel neemt het aanleggen van gangen uit het origineel over en voegt deuren, trollen, sleutels en goud onderweg toe. Dat maakt het leggen van een gangenkaart tactischer, omdat elke gedeelde route ook je tegenstander helpt. De geheime rollen zijn verdwenen en daarmee ook de reden achter het saboteren. Je speelt een sabotagekaart omdat je hem hebt en de kaarten in je hand bepalen sterk wie er wint. Voor twee spelers die een gemeen half uurtje met een knipoog spelen, is het een prima kaartspel voor weinig geld. Zoek je de spanning van het verdenken, kies dan het basisspel.

Toegankelijkheid: ★★★★☆
De basis leer je snel, maar de vele soorten gangenkaarten vragen de eerste keer om wat uitleg.
Tactiek: ★★☆☆☆
Je denkt na over waar je gangen legt, maar je hand bepaalt grotendeels wat je kunt doen.
Geluk: ★★★★☆
Een gangenkaart met goud of de juiste reparatie trekken maakt een groot verschil.
Interactie: ★★★★☆
Je zit elkaar het hele potje dwars met sabotage, instortingen en trollen.
BRDGMZ ontving van de uitgever een recensie-exemplaar van Saboteur: Het Duel. Dit heeft geen invloed op ons oordeel. Lees er meer over in ons reviewbeleid.