Iemand leest de categorie ‘dier’ voor en nog voor het woord is uitgesproken, ligt er al een A op tafel. “Aap!” Een tel later volgt een K met “koe”, maar die komt te laat en gaat mopperend terug op hand. In Wie Weet Wat: Kaartspel win je op dat soort halve seconden.
Het originele Wie Weet Wat speel je met scoreblokken, waarop je binnen twee minuten een rij categorieën invult. Deze kaartversie laat de pen liggen en maakt er een wedstrijd van waarin je elkaar de woorden uit de mond neemt. Felix Holzkämper en Marc Grimmer ontwierpen het spel, dat in Duitsland verscheen als Stadt Land Vollpfosten: Das Kartenspiel. De Nederlandse editie is van White Goblin Games. In deze review lees je hoe een potje verloopt en hoe deze versie zich verhoudt tot het origineel.
Tweehonderd categorieën in een handzaam doosje
Een verhaal of thema zit er niet in dit spel en dat mis je ook niet. Alles speelt zich af tussen de kaarten op tafel en je eigen woordenschat. Je houdt letterkaarten op hand en in het midden ligt een stapel categoriekaarten met op elke kaart vier categorieën. Omdat de voorlezer zelf kiest welke van die vier hij voorleest, heeft hij een beetje invloed op wat er gebeurt. Met een makkelijke categorie maakt iedereen kans, terwijl een lastige iedereen aan tafel even stil krijgt. Vijftig van die kaarten leveren samen tweehonderd categorieën op, zodat je niet snel twee keer dezelfde vraag hoort.
De sfeer komt vooral van de tien actiekaarten die tussen de categorieën verstopt zitten. Hun namen zijn Nederlandse woorden en uitdrukkingen die meteen laten zien wat er gebeurt. Bij Rotonde schuift iedereen zijn hele hand door naar de volgende speler en bij Pechvogel ruil je al je kaarten met de speler die er het meest heeft. Die knipoog past bij de luchtige, cartooneske illustraties van Lea Cheyenne Sauskat, ook bekend als MoraMoor.
Naast het originele Wie Weet Wat is dit materiaal een stuk praktischer. Daar vul je scorevellen in die na een tijd op zijn, terwijl je hier alleen kaarten schudt. Een pen zoeken is dus niet meer nodig en het kleine doosje neem je makkelijk mee naar een verjaardag of een weekendje weg.
Spelmateriaal
- 60 letterkaarten, waarvan 4 Wie Weet Wat-kaarten
- 60 categoriekaarten, waarvan 10 actiekaarten (de overige 50 kaarten tonen elk vier categorieën)
- Spelregels
Opzet van het spel
- Schud de letterkaarten en de categoriekaarten elk apart.
- Geef elke speler 8 letterkaarten. Iedereen houdt zijn kaarten verborgen voor de anderen.
- Leg de categoriekaarten en de overige letterkaarten als twee gedekte stapels in het midden van de tafel.
- De jongste speler begint als voorlezer.
Hoe speel je Wie Weet Wat: Kaartspel?
Je doel is om in een ronde als eerste al je letterkaarten kwijt te raken. Lukt je dat drie keer, dan win je het potje.
Alles begint bij de voorlezer. Hij pakt de bovenste categoriekaart, kiest een van de vier categorieën en leest die hardop voor. Op dat moment kijkt de rest van de tafel koortsachtig naar de eigen hand, want je zoekt een letter waarmee je een passend woord kunt noemen. Is de categorie ‘dier’, dan gooi je een A op tafel en roep je “aap”. Heb je nog een A, dan mag je die er direct achteraan spelen als je er een tweede dier bij weet. Alleen de snelste speler met een goed antwoord legt zijn kaarten af en de anderen nemen hun gespeelde kaarten terug op hand. Die snelste speler wordt daarna de nieuwe voorlezer en doet bij de volgende categorie dus zelf niet mee.
Een fout antwoord kost je iets. Noem je een woord dat niet past, dan neem je je kaart terug en pak je als straf een extra letterkaart van de stapel. Daarna lees jij de volgende categorie voor. Roepen twee spelers tegelijk een goed antwoord, dan is er een remise. Alleen die spelers gaan dan opnieuw aan de slag met dezelfde letterkaart en een nieuwe categorie.
Vier letterkaarten zijn Wie Weet Wat-kaarten. Zo’n kaart werkt als joker, zodat je zelf de beginletter kiest als je met je eigen letters niets kunt bedenken. Je kunt hem ook inzetten voor een tegenaanval. Speelt iemand een A met “aap”, dan gooi jij je Wie Weet Wat-kaart en roep je “adder”. De speler die je zo aanvalt, moet dan een strafkaart pakken.
Pakt de voorlezer een actiekaart, dan voert hij die eerst uit. Sommige acties helpen je vooruit, zoals Grote Kans. Daarbij mag de snelste speler binnen tien seconden nog twee extra letterkaarten wegspelen. Andere acties halen de verhoudingen aan tafel overhoop. Bij Verkiezingspartij pakt iedereen tegelijk een kaart van zijn linkerbuurman en bij Vicieuze cirkel noemt iedereen om de beurt een voorbeeld uit dezelfde categorie, tot iemand vastloopt of een antwoord herhaalt en een strafkaart moet pakken.
De volledige speluitleg is terug te lezen in de spelregels.
Een halve seconde te laat
Je speelt Wie Weet Wat: Kaartspel met drie tot zes spelers. Met drie spelers wordt elke categorie een tweestrijd, omdat de voorlezer zelf niet meedoet. Met vijf of zes is de tafel het levendigst, al is het dan ook lastiger om te horen wie nu als eerste riep. Volgens de doos duurt een potje ongeveer een halfuur. Dat klopt zolang de rondes vlot gaan, maar een reeks strafkaarten kan het einde flink oprekken.
De doos noemt twaalf jaar als minimumleeftijd. Jongere kinderen kunnen de regels prima volgen, maar tegen volwassenen die sneller woorden uit hun geheugen halen, trekken ze al snel aan het kortste eind. De uitleg zelf is in een paar minuten klaar en na de eerste categorie weet iedereen wat er van hem verwacht wordt.
Diep nadenken hoeft niet, toch kun je slim met je hand omgaan. Een Wie Weet Wat-kaart die je achter de hand houdt, is een redmiddel voor die laatste letter waar je maar geen woord bij vindt. Twee dezelfde letters zijn ook goud waard, omdat je ze bij een goede categorie in één keer kwijtraakt. Als voorlezer heb je een eigen afweging, want je kiest uit vier categorieën en bepaalt zo of de tafel een makkelijke of een lastige vraag krijgt.
Geluk speelt daarnaast een flinke rol. Met een paar letters waar weinig woorden mee beginnen, start je al met een achterstand en de actiekaarten doen daar nog een schepje bovenop. Omdat de winnaar van een categorie de volgende kaart pakt, is het vaak juist de koploper die Pechvogel trekt en zijn kleine hand moet ruilen met de grootste hand aan tafel. Zo blijft het tot het einde spannend, al voelt het wrang als je net bijna klaar was.
Die wisselingen maken het spel ook direct en persoonlijk. Iedereen speelt tegelijk, dus je zit nooit op je beurt te wachten. Zelfs als voorlezer let je scherp op wie als eerste riep en of het antwoord wel klopt. Daar ontstaan de leukste discussies, want de spelregels laten het oordeel aan de groep over. Telt een walvis als vis? Is “appeltaart” een toetje of een gebak? Met tweehonderd categorieën blijft het spel lang fris, al merk je in een vaste groep na een tijd dat dezelfde antwoorden terugkomen bij dezelfde letters.
Voor wie is dit spel?
Wie Weet Wat: Kaartspel past het best bij spelers die tegen wat kabaal kunnen. Met tieners erbij werkt het goed, omdat zij vaak minstens zo snel zijn als hun ouders en niemand dus vooraf al gewonnen heeft. Omdat je de regels in twee minuten uitlegt en er niets in te vullen valt, haal je het ook tevoorschijn op een verjaardag waar niemand voor een spelletje kwam.
Ben je iemand die even rustig wil nadenken voor je iets zegt, dan word je hier al snel ingehaald. Dat geldt ook voor jonge kinderen die tegen volwassenen spelen. Hou je niet van spellen waarin anderen kaarten bij je kunnen schuiven of je hand kunnen afpakken, dan zullen de actiekaarten je af en toe irriteren. Volgens ons ligt het ideale spelersaantal op vier of vijf, want dan doen er per categorie genoeg mensen mee om het spannend te maken en hoor je nog goed wie als eerste was.
Van scoreblok naar kaartenhand
De belangrijkste vergelijking is natuurlijk die met het originele Wie Weet Wat. Daar vult iedereen in zijn eigen tempo een rij categorieën in, met twee minuten op de klok en één letter voor de hele rij. Pas aan het einde vergelijk je de antwoorden en tel je punten. Dat geeft je de ruimte om een origineel of grappig antwoord te bedenken en speel je met maximaal tien mensen tegelijk. In het kaartspel wint per categorie maar één speler, waardoor snelheid belangrijker is dan creativiteit. Je kiest wel zelf met welke letter uit je hand je antwoordt en door de actiekaarten zit er meer geluk en meer gedoe in. Speel je met een grote groep of met mensen die liever even nadenken, dan blijft het origineel de beste keuze. Wil je meer tempo en minder schrijfwerk, dan pak je deze kaartversie.
Tik Tak Boem van Goliath ligt ook dicht in de buurt. Ook daar moet je onder tijdsdruk een woord met de juiste letters roepen, maar daar geef je om de beurt een tikkende bom door. In Wie Weet Wat: Kaartspel strijdt iedereen tegelijk om hetzelfde antwoord, wat de spanning per categorie korter en heviger maakt.
Conclusie
Wie Weet Wat: Kaartspel neemt het bekende idee van het originele Wie Weet Wat en maakt er een snelle race van waarin iedereen tegelijk meedoet. De regels leg je in een paar minuten uit en met tweehonderd categorieën ben je lang niet uitgespeeld. Omdat het spel sterker leunt op snelheid dan op creativiteit, wint de vlotste denker het vaakst. De actiekaarten houden de stand spannend, al kan een Pechvogel op het verkeerde moment een bijna gewonnen ronde onderuithalen. Speel je graag met een levendige groep van vier of vijf, dan heb je hier veel plezier van. Zoek je liever rust en ruimte voor een origineel antwoord, dan kies je beter voor het scoreblok van het origineel.

Toegankelijkheid: ★★★★★
De regels zijn in een paar minuten uitgelegd en na de eerste categorie speelt iedereen mee.
Tactiek: ★★☆☆☆
Je hand slim beheren helpt een beetje, maar uiteindelijk beslist je reactiesnelheid.
Geluk: ★★★☆☆
Je startletters en de actiekaarten bepalen een flink deel van de uitkomst.
Interactie: ★★★★☆
Iedereen strijdt tegelijk om hetzelfde antwoord en actiekaarten schuiven kaarten tussen spelers heen en weer.
BRDGMZ ontving van de uitgever een recensie-exemplaar van Wie Weet Wat: Kaartspel. Dit heeft geen invloed op ons oordeel. Lees er meer over in ons reviewbeleid.