Hieronder lees je hoe je Clever speelt. Deze uitleg is gebaseerd op de officiële spelregels van 999 Games. Het spel van Wolfgang Warsch lijkt op het eerste gezicht een eenvoudig dobbelspel, maar de vijf gekleurde categorieën en de vele kettingreacties maken er een verrassend puzzelachtig geheel van.
Doel van het spel
In Clever probeer je op je eigen scorevel zoveel mogelijk punten te scoren in vijf verschillende categorieën, die elk met een kleur zijn aangegeven. Je kiest je dobbelstenen slim, zodat je ook in volgende beurten voldoende keuze overhoudt. Daarnaast houd je de worpen van de andere spelers goed in de gaten, want ook uit hun beurten valt iets te halen. Wie na een vast aantal ronden de meeste punten heeft, wint het spel.

Voorbereiding
Iedere speler krijgt een vel van het scoreblok en een viltstift. De slimste speler krijgt de zes dobbelstenen en begint.
Spelverloop
Het spel gaat over vier ronden bij 4 spelers, vijf ronden bij 3 spelers of zes ronden bij 1 of 2 spelers. Aan het begin van elke ronde streept iedere speler het huidige rondenummer door. In de ronden 1 tot en met 3 krijgt iedereen daarvoor de onder het rondenummer afgebeelde actie, en in ronde 4 één van beide bonussen.
De actieve speler
De speler die alle dobbelstenen voor zich heeft, is de actieve speler. Hij werpt alle zes de dobbelstenen en kiest er één, die hij op één van zijn drie dobbelsteenvelden legt. Afhankelijk van de kleur van de gekozen dobbelsteen vult hij de waarde in de categorie van die kleur in of kruist hij deze aan. De witte dobbelsteen is een kleurenjoker en mag voor een kleur naar keuze worden ingezet.
Daarna legt de speler alle dobbelstenen die een lagere waarde tonen dan de gekozen dobbelsteen op het zilveren dienblad. Dobbelstenen op het dienblad kan de actieve speler niet meer gebruiken. Kies je dus te vroeg voor een hoge waarde, dan kan het gebeuren dat je geen dobbelstenen meer overhoudt voor een volgende worp.
De actieve speler werpt de overgebleven dobbelstenen vervolgens een tweede en een derde keer en herhaalt steeds dezelfde stappen. Na de derde keuze legt hij alle overgebleven dobbelstenen op het zilveren dienblad.

De passieve spelers
Zodra de actieve speler drie dobbelstenen op zijn speelveld heeft gelegd, zijn de andere spelers aan de beurt. Alle passieve spelers krijgen de dobbelstenen die op het zilveren dienblad liggen als het ware geserveerd. Iedere passieve speler kiest daaruit één dobbelsteen en vult de waarde ervan in de bijbehorende categorie op zijn eigen speelveld in. De passieve spelers doen dat tegelijkertijd en de gekozen dobbelstenen blijven op het dienblad liggen. Meerdere spelers mogen dus dezelfde dobbelsteen kiezen.
Kan een passieve speler geen enkele dobbelsteen van het dienblad gebruiken, dan mag hij een dobbelsteen van de velden van de actieve speler gebruiken. Vrijwillig afzien van een bruikbare dobbelsteen op het dienblad mag niet.
Hebben alle passieve spelers een dobbelsteen gekozen, dan is de speler links van de actieve speler aan de beurt. Een ronde is afgelopen als iedere speler één keer de actieve speler is geweest.
De vijf categorieën
Per dobbelsteen vul je altijd maar één veld in of kruis je één veld aan. In de groene, oranje en paarse categorie begin je links en werk je van links naar rechts, zonder een veld over te slaan. In de gele en blauwe categorie mag je het geworpen resultaat naar believen aankruisen, ongeacht waar het zich bevindt.
- Geel: je kruist het geworpen resultaat aan in het gele raster. Elk cijfer komt tweemaal voor, maar per beurt kruis je er maar één aan. Voor elke volledig aangekruiste kolom omcirkel je het zwarte getal in de ster onder die kolom. Aan het einde van het spel tel je alle omcirkelde getallen bij elkaar op.
- Blauw: ook hier kruis je de getallen in willekeurige volgorde aan. Kies je de blauwe dobbelsteen, dan tel je de waarde van de witte dobbelsteen erbij op, en andersom. Dat geldt voor alle spelers, en je mag nooit kiezen om maar één van beide waarden te gebruiken. Hoe meer kruizen je in deze categorie zet, hoe meer punten de tabel boven de blauwe categorie oplevert.
- Groen: je kruist velden van links naar rechts aan, waarbij de waarde van de groene dobbelsteen ten minste zo hoog moet zijn als de op het veld aangegeven waarde. Is je worp te laag, dan mag je de groene dobbelsteen niet kiezen. Het witte getal boven het laatst aangekruiste veld bepaalt je punten.
- Oranje: je vult de waarde van de oranje dobbelsteen in, van links naar rechts en zonder verdere voorwaarden. Op de vier speciale velden vermenigvuldig je de geworpen waarde met de aangegeven factor van x2 of x3. Aan het einde tel je alle ingevulde waarden bij elkaar op.
- Paars: je vult de waarde van de paarse dobbelsteen in, opnieuw van links naar rechts. Elke nieuwe waarde moet hoger zijn dan de waarde in het vorige veld. Na een 6 mag je in het volgende veld een willekeurige waarde invullen. Ook hier tel je aan het einde alle ingevulde waarden op.

De bonussen
Tijdens het spel activeer je regelmatig bonussen. Die staan direct onder een veld of aan het einde van een rij of kolom.
- X-bonus: je kruist direct een extra veld aan in de categorie van de afgebeelde kleur. Bij blauw en geel kies je zelf een getal, bij groen kruis je het volgende lege veld aan.
- Getalbonus: staat er een getal met een paarse of oranje achtergrond, dan vul je dat getal direct in het volgende lege veld van die categorie in.
- Vossen: elke verdiende vos levert aan het einde van het spel zoveel punten op als je categorie met de minste punten. Heb je in een categorie 0 punten, dan is elke vos 0 punten waard.
Bonussen onder een veld gebruik je direct zodra je dat veld invult. Bonussen aan het einde van een rij of kolom komen pas vrij zodra alle velden zijn aangekruist. Krijg je door een bonus opnieuw een bonus, dan voer je ook die direct uit. Zo ontstaan heerlijke kettingreacties.
De acties
Op elk speelvel staan twee actiesporen, waarvan je de velden in de loop van het spel vrijspeelt. Elke keer dat je door het invullen of aankruisen van een getal een extra actie krijgt, omcirkel je het volgende lege veld van het betreffende actiespoor. Gebruik je een vrijgekomen actie, dan streep je dat veld door. Je mag in je beurt zoveel acties gebruiken als je wilt, zolang je ze tot je beschikking hebt.
- Nogmaals dobbelen: deze actie kan uitsluitend door de actieve speler worden gebruikt. Ben je niet tevreden met je worp, dan werp je alle net geworpen dobbelstenen opnieuw. Dobbelstenen opzijleggen mag daarbij niet.
- Extra dobbelsteen: met deze actie kies je aan het einde van je beurt één extra dobbelsteen, zelfs als die op het zilveren dienblad ligt of al door een andere speler is gebruikt. Je mag deze actie meerdere keren in je beurt uitvoeren, maar elke dobbelsteen mag je niet meer dan eenmaal als extra dobbelsteen kiezen.

Einde van het spel en puntentelling
Het spel is afgelopen nadat in de laatste ronde de laatste actieve speler zijn beurt heeft afgerond en de passieve spelers hun dobbelstenen van het zilveren dienblad hebben ingevuld. Iedere speler mag dan nog eenmaal eventuele overgebleven acties Extra dobbelsteen gebruiken. Overgebleven acties Nogmaals dobbelen vervallen.
Eén van de spelers noteert op de achterkant van zijn speelvel voor alle spelers de scores in de verschillende categorieën. Daarna vermenigvuldigt hij voor iedere speler het aantal vossen met het aantal punten in diens laagste categorie. De speler met de meeste punten wint. Bij een gelijke stand wint de speler met de hoogste score in één categorie. Is dat ook gelijk, dan delen de betreffende spelers de winst.
Solovariant
Clever kan prima alleen worden gespeeld. Het doel blijft hetzelfde en ook de spelregels zijn gelijk aan die van het basisspel. Het spel duurt zes ronden, waarin je afwisselend actieve en passieve speler bent. Als passieve speler werp je alle zes de dobbelstenen en leg je de drie dobbelstenen met de laagste waarden op het zilveren dienblad, waarna je daaruit kiest. De actie Nogmaals dobbelen mag je als passieve speler zoals gebruikelijk niet gebruiken. Een tabel in de spelregels vertelt je aan het einde hoe goed je hebt gescoord.