Ergens bij Stonehenge zou ooit een toverschool hebben gestaan waar de leerlingen Wizard speelden om hun voorspellende gaven te trainen. Pas toen een archeoloog onder de oude stenen een perkamentrol vond, kwam dat verhaal weer boven water. Dat verhaal staat met een knipoog in de spelregels, want tijdens het spelen draait alles om het voorspellen van hoeveel slagen je gaat halen.
Wizard is bedacht door de Canadese ontwerper Ken Fisher en verscheen voor het eerst in 1984. In Duitsland groeide het uit tot een van de best verkochte kaartspellen, met inmiddels zelfs een eigen wereldkampioenschap. De Nederlandse editie is van 999 Games, die het spel in 2026 opnieuw uitbracht met nieuwe illustraties van Polina Bivol. In deze review lees je hoe een potje verloopt en voor welke spelers dit klassieke slagenspel een aanrader is.
Een toverschool in een klein doosje
Het verhaal over de toverschool en de perkamentrol is vooral een leuk opstapje naar de regels. Tijdens het spelen merk je er weinig van, want je bent bezig met kleuren, getallen en de troef. Alleen de twee soorten speciale kaarten sluiten aan bij het thema. De tovenaar is de sterkste kaart in het spel en wint de slag, tenzij iemand anders al eerder een tovenaar speelde. De nar is zijn tegenpool en verliest vrijwel altijd. Die rolverdeling past bij de figuren op de kaarten en is daardoor makkelijk te onthouden, ook voor kinderen die het spel voor het eerst spelen.
Met de illustraties van Polina Bivol ziet Wizard er moderner uit dan de oudere uitgaven. Elke getallenkaart heeft een eigen personage uit een sprookjesachtige fantasywereld. Op de gele 8 spant een boogschutter zijn boog, op de groene 5 tokkelt een bard op zijn luit en op de rode 11 staat een stoere figuur met de armen over elkaar en een hond aan zijn zijde. Die variatie maakt het leuk om je kaarten te bekijken, al kijk je tijdens een potje vooral naar de hoeken. Daar staan de grote cijfers en een eigen symbool per kleur, zodat je ook in een volle waaier snel ziet wat je hebt. Het doosje past makkelijk in een jaszak of tas en naast de kaarten zit er een scoreblok in. Is dat blok op, dan kun je bij 999 Games een nieuw scoreblad downloaden.
Spelmateriaal
- 60 kaarten:
- 52 getallenkaarten (waarden 1 tot 13 in geel, groen, rood en blauw)
- 4 tovenaars
- 4 narren
- 1 scoreblok
- Spelregels
Opzet van het spel
- Kies één speler die het scoreblok bijhoudt. Die schrijft de namen van alle spelers op en is in de eerste ronde de deler.
- Schud alle 60 kaarten.
- Deel in de eerste ronde iedere speler 1 kaart. In elke volgende ronde krijgt iedereen één kaart meer.
- Leg de overgebleven kaarten als gedekte stapel naast het speelgebied. Draai de bovenste kaart om en leg die open op de stapel. Die kaart bepaalt de troefkleur van deze ronde.
- Is het een tovenaar, dan bekijkt de deler zijn eigen kaarten en kiest hij een troefkleur.
- Is het een nar, dan speel je deze ronde zonder troef.
- In de laatste ronde zijn alle kaarten verdeeld en speel je zonder troef.
- Na elke ronde schuift de rol van deler één plaats op met de klok mee.

Hoe speel je Wizard?
Je doel is om aan het einde van het spel de meeste punten te hebben. Die punten verdien je door elke ronde precies te voorspellen hoeveel slagen je haalt. Een slag bestaat uit één kaart van iedere speler, dus met vijf kaarten in je hand speel je vijf slagen.
Zodra de kaarten gedeeld zijn en de troef bekend is, bekijk je je hand en schat je in hoeveel slagen je daarmee wint. De speler links van de deler noemt als eerste een aantal en daarna volgen de anderen met de klok mee. Nul is ook een geldige voorspelling. De speler met het scoreblok schrijft alles op en leest de voorspellingen nog één keer voor, zodat iedereen weet waar hij aan toe is.
Daarna begint het spelen van de slagen. De speler links van de deler legt de eerste kaart en mag daarbij zelf kiezen wat hij speelt. Iedereen na hem moet kleur bekennen, dus een kaart van dezelfde kleur spelen als je die hebt. Pas als je die kleur niet hebt, mag je een troef of een andere kleur spelen. Tovenaars en narren hebben geen kleur en mag je altijd spelen, ook als je wel kleur kunt bekennen. De slag gaat naar de eerste tovenaar die erin ligt. Zit er geen tovenaar in, dan wint de hoogste troef en anders de hoogste kaart in de gevraagde kleur. Een nar verliest altijd, behalve als de slag alleen uit narren bestaat. Dan wint de eerste nar. De winnaar legt de slag gedekt voor zich neer en begint de volgende.
Begint iemand een slag met een tovenaar, dan mag iedereen daarna spelen wat hij wil. Opent iemand met een nar, dan bepaalt de eerste getallenkaart die daarna valt welke kleur de rest moet bekennen. Volgt er eerst een tovenaar, dan is iedereen weer vrij.
Na de laatste slag tel je de punten. Klopt je voorspelling, dan krijg je 20 punten plus 10 punten per gewonnen slag. Zit je ernaast, dan verlies je 10 punten voor elke slag die je te veel of te weinig haalde. Het aantal rondes hangt af van het aantal spelers. Met drie spelers speel je er twintig, met vier vijftien, met vijf twaalf en met zes tien.
Wil je het spannender maken, dan kun je de variant Plus/min 1 gebruiken. Daarin mag het totaal van alle voorspellingen nooit gelijk zijn aan het aantal slagen van die ronde. Zo zit er altijd minstens één speler naast zijn voorspelling.
De volledige speluitleg is terug te lezen in de spelregels.
Een kaart erbij, een zorg erbij
Wizard speel je met drie tot zes spelers en dat aantal bepaalt hoe lang een potje duurt. Met zes spelers ben je na tien rondes klaar, terwijl je met drie spelers twintig rondes speelt en in de laatste ronde twintig kaarten in je hand hebt. De 45 minuten op de doos zijn daardoor vooral haalbaar met vier of vijf spelers. Met drie spelers ben je al snel een uur bezig, al zijn juist de rondes met een volle hand het meest uitdagend.
De minimumleeftijd van tien jaar is goed gekozen. De regels zijn snel uitgelegd, zeker als je al eens hebt geklaverjast of boerenbridge hebt gespeeld, want kleur bekennen en troef werken hier hetzelfde. Wat jongere spelers lastiger vinden, is het inschatten van een hand met zeven of acht kaarten. Dat leer je pas door een paar potjes te spelen.
In dat inschatten zit ook het meeste denkwerk. Een tovenaar in je hand is een vrijwel zekere slag, terwijl een nar je een uitweg geeft als je juist niets meer wilt winnen. Hoge troeven tel je ook mee, maar een hoge kaart in een andere kleur is een gok, want iemand zonder die kleur kan hem zomaar troeven. Ben je als laatste aan de beurt om te voorspellen, dan heb je een voordeel. Je hoort wat de anderen verwachten en weet bijvoorbeeld dat er al vier slagen geclaimd zijn in een ronde van vier. Tijdens het spelen draait het vaak om het tegenovergestelde van winnen. Heb je je twee slagen binnen, dan moet je de rest van de ronde je hoge kaarten kwijt zien te raken zonder dat ze nog een slag pakken.
Toch speelt geluk een flinke rol. In de eerste rondes heb je maar één of twee kaarten en kun je weinig anders doen dan hopen dat je inschatting klopt. Draait de deler een tovenaar om voor de troef, dan ligt een van de vier sterkste kaarten buiten het spel. Ook de omgedraaide kleur kan je hand in één keer sterker of zwakker maken. Over een heel potje middelt dat redelijk uit, omdat je in de grotere rondes meer controle hebt over wat er gebeurt.
Die controle haal je vooral uit wat de anderen doen. Je speelt elk voor zich, maar omdat iedereen in elke slag een kaart legt, zit je nooit te wachten tot je weer aan de beurt bent. Je ziet ook precies wie nog een slag nodig heeft. Heeft je buurvrouw nul slagen voorspeld en staat ze op het punt de slag te winnen met haar groene 12, dan laat je die slag met een lage kaart graag aan haar. Andersom kan iemand na jou een tovenaar spelen op het moment dat je dacht je laatste slag binnen te halen. Had je er twee voorspeld en haal je er één, dan krijg je min 10 in plaats van 40 punten.
Door die wisselwerking is geen potje hetzelfde. Elke ronde krijg je een andere hand en een andere troef. Door het oplopende aantal kaarten verandert het spel ook binnen één potje van karakter, van gokken met één kaart naar puzzelen met een volle waaier. Het is dan ook niet vreemd dat Wizard na ruim veertig jaar nog altijd veel gespeeld wordt.
Voor wie is Wizard?
Wizard is een goede keuze als je een kaartspel zoekt dat je met het hele gezin kunt spelen, mits de kinderen ten minste een jaar of 10 zijn. De regels leg je in een paar minuten uit, zodat ook mensen die zelden een spel spelen het snel oppakken. Speel je al jaren klaverjassen of boerenbridge, dan herken je veel en geven de tovenaars en narren het net een andere draai. Het best komt het spel tot zijn recht in een groep die graag op elkaar let en het niet erg vindt om elkaar af en toe een slag door de neus te boren.
Zoek je een spel waarin het thema meespeelt, dan kom je hier minder aan je trekken, want de toverschool is vooral decor. Vind je het vervelend dat iemand na elke ronde de score bijhoudt en optelt, dan kan Wizard ook tegenvallen, want dat noteren hoort er gewoon bij.
Het ideale spelersaantal ligt bij vier of vijf spelers. Een potje duurt dan ongeveer drie kwartier en je hebt genoeg tegenstanders om de voorspellingen interessant te maken.
Andere spellen om je slagen te voorspellen
De bekendste verwant van Wizard is Boerenbridge, dat je met een gewoon pak kaarten speelt. Ook daar voorspel je elke ronde je aantal slagen en loopt het aantal kaarten op, maar je mist de tovenaars en narren die je net wat meer grip op een lastige ronde geven. Double Lucky 7 werkt volgens hetzelfde principe, maar daar draait een rad met speciale acties bij elke ronde aan de regels. In ronde 7 tellen alle punten dubbel en een foute voorspelling levert helemaal niets op, waardoor het spel chaotischer aanvoelt. Zoek je een korter slagenspel van dezelfde uitgever, dan is Bokken Schieten een goed alternatief. Daarin verzamel je zoveel mogelijk geitenkoppen, maar moet je onder een limiet blijven, wat heel andere afwegingen oplevert.
Conclusie
Wizard is na ruim veertig jaar nog steeds een prima slagenspel. De regels zijn in een paar minuten uitgelegd, terwijl het voorspellen van je slagen genoeg om over na te denken geeft om potje na potje te blijven spelen. Door de tovenaars en narren heb je net wat meer invloed op een ronde dan bij een gewoon pak kaarten. De nieuwe illustraties geven het spel een moderne uitstraling, al blijft het thema decor. Met drie spelers duurt een potje lang en de eerste rondes zijn vooral geluk. Speel je met vier of vijf personen en houd je van kaartspellen waarin je je tegenstanders goed in de gaten houdt, dan is deze nieuwe editie een goede aanschaf voor weinig geld.

Toegankelijkheid: ★★★★☆
Snel uitgelegd, al vraagt het inschatten van een grote hand om wat oefening.
Tactiek: ★★★☆☆
Je voorspelling en het lozen van hoge kaarten vragen om nadenken, maar het blijft een licht kaartspel.
Geluk: ★★★★☆
De verdeling van de kaarten en de omgedraaide troef wegen zwaar, vooral in de eerste rondes.
Interactie: ★★★★☆
Je ziet precies wie welke slag nodig heeft en kunt daar met elke kaart op inspelen.
BRDGMZ ontving van de uitgever een recensie-exemplaar van Wizard. Dit heeft geen invloed op ons oordeel. Lees er meer over in ons reviewbeleid.