Hieronder lees je hoe je Carcassonne Junior speelt. Deze uitleg is gebaseerd op de officiële spelregels van 999 Games. Carcassonne Junior is een legspel voor twee tot vier spelers vanaf vier jaar. Marco Teubner bewerkte het voor kinderen op basis van Carcassonne van Klaus-Jürgen Wrede.
Doel van het spel
Samen leg je tegels aan elkaar, waardoor er een landschap met weggetjes ontstaat. Op die weggetjes staan kinderen in de vier spelerskleuren getekend. Zodra een weg aan beide kanten is afgesloten, mag je op de kinderen in jouw kleur een van je eigen poppetjes zetten. Je wint als je als eerste al je acht poppetjes op het landschap hebt gezet.
Voorbereiding
- Schud alle 36 landtegels met de afbeelding naar beneden en verdeel ze over een paar gedekte stapels.
- Leg die stapels zo op tafel dat iedereen er makkelijk bij kan. Houd het midden van de tafel vrij, want daar komt het landschap te liggen.
- Iedere speler kiest een kleur en neemt de acht kinderen van Carcassonne in die kleur. Zet ze voor je neer.
- Speel je met minder dan vier spelers, doe dan de poppetjes van de kleuren die niemand gekozen heeft terug in de doos.
- Draai de bovenste tegel van een van de stapels om en leg hem open in het midden van de tafel. Aan deze starttegel bouwen jullie de rest van het landschap.

Spelverloop
De jongste speler begint. Daarna gaat de beurt met de klok mee naar de volgende speler, tot het spel afgelopen is.
Een tegel aanleggen
Als je aan de beurt bent, kies je een van de gedekte stapels en draai je de bovenste tegel ervan om. Die tegel leg je aan het landschap dat al op tafel ligt. Hij moet met minstens één hele zijde tegen een tegel aan liggen die er al ligt. Je mag hem ook tegen meerdere tegels tegelijk leggen. Alleen een hoek tegen een hoek leggen is niet toegestaan, want dan raakt de nieuwe tegel het landschap niet met een zijde.
De tegels zijn zo ontworpen dat ze altijd op elkaar aansluiten. Je hoeft dus niet te controleren of een weg aan de ene kant wel past bij een weg aan de andere kant.
Wanneer is een weg afgesloten?
Nadat je een tegel hebt gelegd, kijk je of daardoor een weg is afgesloten. Een weg is afgesloten als hij aan allebei de uiteinden niet verder loopt. Dat is het geval als de weg ophoudt bij bijvoorbeeld een huis, een vijver, een muur of een weiland.
Een weg die een rondje maakt en met beide uiteinden op zichzelf aansluit, telt ook als afgesloten. Zo’n weg loopt nergens dood, maar hij kan ook nergens meer verder.
Loopt de weg aan een van de kanten nog door tot aan de rand van het landschap, dan is hij nog open. Er gebeurt dan niets en de volgende speler is aan de beurt.
Kinderen van Carcassonne neerzetten
Heb je een weg afgesloten, dan bekijk je samen welke kinderen er op die weg getekend staan. Elke speler zet op elk kind in zijn eigen kleur een van zijn poppetjes. Dat geldt voor alle spelers en dus niet alleen voor de speler die de tegel heeft gelegd.
Een voorbeeld: je sluit een weg af waarop een rood kind en een blauw kind staan. De speler met rood zet een poppetje op het rode kind en de speler met blauw zet een poppetje op het blauwe kind. Staan er twee rode kinderen op de weg, dan zet de speler met rood er twee poppetjes neer.
Staat er op de afgesloten weg geen kind in jouw kleur, dan zet je in die beurt niets neer.
Spelen met minder dan vier spelers
Op de tegels staan altijd kinderen in alle vier de kleuren. Doen niet alle kleuren mee, dan negeer je de kinderen in de kleuren die niet in het spel zijn. Op die afbeeldingen zet niemand een poppetje.
Wat staat er op de tegels?
Elke landtegel toont een stukje van het landschap rond Carcassonne. Daarop zie je drie soorten dingen die voor het spel van belang zijn.
Wegen. De lichte weggetjes lopen van tegel naar tegel. Door tegels aan te leggen maak je wegen langer of sluit je ze af.
Eindpunten. Huizen, vijvers, muren en weilanden houden een weg tegen. Een weg die bij zo’n plek ophoudt, is aan die kant afgesloten.
Kinderen van Carcassonne. Op de wegen staan kinderen getekend in de kleuren blauw, geel, paars en rood. Dat zijn dezelfde kleuren als de houten poppetjes. Alleen kinderen die op een afgesloten weg staan, leveren een plek voor een poppetje op.
Op de tegels zie je ook schapen, kippen en koeien rondlopen. Die horen bij het verhaal van het spel, waarin de kinderen op de Franse nationale feestdag de losgelaten dieren terugbrengen. Voor de spelregels hebben de dieren geen betekenis.
Einde van het spel
Het spel eindigt zodra een van de spelers zijn laatste poppetje op het landschap zet. Die speler wint meteen.
Soms liggen alle landtegels op tafel voordat iemand al zijn poppetjes kwijt is. Ook dan is het spel afgelopen. De speler die de minste poppetjes voor zich heeft liggen, wint. Hebben meerdere spelers evenveel poppetjes over, dan winnen zij samen.
Punten tellen hoeft in Carcassonne Junior niet.