Hieronder lees je hoe je Machi Koro speelt. Deze uitleg is gebaseerd op de officiële spelregels van White Goblin Games. Machi Koro is een vlot dobbel- en kaartspel van de Japanse ontwerper Masao Suganuma voor 2 tot 4 spelers vanaf 7 jaar. Een potje duurt ongeveer een halfuur.
Doel van het spel
Je bent burgemeester van een kleine stad die je wilt uitbouwen tot de aantrekkelijkste stad van de regio. Met de dobbelstenen activeer je gebouwen die je munten opleveren. Met die munten koop je nieuwe gebouwen en rond je je vier bezienswaardigheden af. De eerste speler die alle vier bezienswaardigheden heeft afgerond, wint meteen.
Alle kaarten liggen open op tafel. Je houdt dus nooit kaarten in je hand en je schudt ook nooit een stapel.
Voorbereiding
- Elke speler legt een graanveld en een bakkerij open voor zich neer. Dat zijn je twee startgebouwen.
- Daarboven leg je je vier bezienswaardigheden, namelijk het treinstation, het winkelcentrum, het pretpark en het radiostation. Leg ze met de achterkant naar boven, de kant met het bouwbord. Op die kant zie je wat de bezienswaardigheid doet en hoeveel het afronden kost. Samen met je startgebouwen is dit je stad aan het begin van het spel.
- Speel je met 2 of 3 spelers, dan gaan de overgebleven startkaarten terug in de doos.
- Sorteer de voorraadkaarten per gebouw en leg ze in open stapels midden op tafel, zodat iedereen ze goed kan zien.
- Elke speler krijgt 3 munten. De overige munten vormen de bank.
- Kies een startspeler. Daarna gaat de beurt met de klok mee.

Spelverloop
Je beurt bestaat uit drie stappen. Je gooit de dobbelsteen en activeert zo de gebouwen met het gegooide getal. Tot slot mag je één gebouw bouwen of één bezienswaardigheid afronden.
Dobbelen
Aan het begin van het spel gooi je in je beurt met één dobbelsteen. Zodra je je treinstation hebt afgerond, mag je kiezen of je met één of met twee dobbelstenen gooit. Gooi je met twee, dan telt de som van beide dobbelstenen.
Inkomsten
Bovenaan elk gebouw staat het getal dat je moet gooien om het te activeren. Alle gebouwen met dat getal worden geactiveerd, dus niet alleen die van jou maar ook die van je medespelers. Of een gebouw iets oplevert en van wie het geld komt, hangt af van de kleur van de kaart.
- Blauw (goederen): de eigenaar krijgt munten van de bank, ongeacht wiens beurt het is.
- Groen (commerciële gebouwen): de eigenaar krijgt munten van de bank, maar alleen in zijn eigen beurt.
- Rood (horeca): de eigenaar krijgt munten van de speler die gegooid heeft. Rode gebouwen werken dus alleen in de beurt van een ander.
- Paars (grote gebouwen): de eigenaar krijgt munten van de andere spelers, maar alleen in zijn eigen beurt.
Elk exemplaar van een gebouw telt apart. Heb je twee bakkerijen en gooi je een 2, dan krijg je twee keer het inkomen van de bakkerij.
Je mag zoveel munten hebben als je wilt en je mag altijd munten wisselen met de bank.
Volgorde van uitbetalen
Worden er bij één worp meerdere soorten gebouwen tegelijk geactiveerd, dan handel je ze in deze volgorde af. Eerst de rode gebouwen, daarna de groene en blauwe en als laatste de paarse. De groene en blauwe gebouwen mag je in je eigen volgorde afhandelen. Door die volgorde betaal je dus eerst voordat je zelf iets krijgt.
Kun je niet het volledige bedrag betalen, dan betaal je wat je hebt. De rest vervalt en de speler die het geld zou krijgen, wordt daar niet voor gecompenseerd. Je kunt nooit onder 0 munten zakken.
Een voorbeeld. Speler A gooit een 3. Speler B heeft een café, dus speler A moet hem 1 munt betalen. Speler A heeft op dat moment geen munten en betaalt niets. Daarna krijgt speler A wel 2 munten voor de twee bakkerijen in zijn stad.
Moeten er in één beurt meerdere spelers betaald worden, dan gebeurt dat tegen de klok in, te beginnen bij de speler rechts van de speler die gooide.
Een voorbeeld. Speler A gooit een 3 en heeft maar 3 munten. Speler B heeft drie cafés en wil 3 munten, speler C heeft twee cafés en wil 2 munten. Speler C zit tegen de klok in het dichtst bij speler A en krijgt eerst zijn 2 munten. Speler A houdt dan nog 1 munt over en betaalt die aan speler B. De 2 munten die speler B nog tegoed had, vervallen.
Bouwen
Aan het einde van je beurt mag je één gebouw kopen of één bezienswaardigheid afronden. Je betaalt de bouwkosten die linksonder op de kaart staan aan de bank. Je mag ook besluiten om niets te bouwen en je munten te sparen.
Een nieuw gebouw neem je uit de voorraad en leg je in je stad. De meeste gebouwen mag je meerdere keren bouwen. Leg dezelfde gebouwen dan in een verticale stapel, zodat je goed overzicht houdt. Van de paarse grote gebouwen mag je er per soort maar één in je stad hebben. Is een stapel in de voorraad op, dan kan niemand dat gebouw nog bouwen.
Rond je een bezienswaardigheid af, dan draai je de kaart om. Vanaf dat moment is het effect ervan actief.
Bezienswaardigheden
Elke speler heeft dezelfde vier bezienswaardigheden. Je mag ze in elke volgorde afronden.
| Bezienswaardigheid | Kosten | Effect |
|---|---|---|
| Treinstation | 4 | Je mag in je beurt met twee dobbelstenen gooien. |
| Winkelcentrum | 10 | Je rode gebouwen en je bakkerijen en buurtwinkels leveren elk 1 munt extra op. Heb je twee bakkerijen, dan krijg je bij een 2 of 3 dus 4 munten. |
| Pretpark | 16 | Gooi je met twee dobbelstenen hetzelfde getal, dan krijg je na deze beurt nog een beurt. |
| Radiostation | 22 | Eén keer per beurt mag je opnieuw gooien. |

Gebouwen
In de voorraad liggen twaalf normale gebouwen van elk 6 exemplaren en drie grote gebouwen van elk 4 exemplaren. Het getal geeft aan bij welke worp het gebouw geactiveerd wordt.
Blauwe gebouwen (in ieders beurt)
| Gebouw | Getal | Kosten | Effect |
|---|---|---|---|
| Graanveld | 1 | 1 | Je krijgt 1 munt van de bank. |
| Veehouderij | 2 | 1 | Je krijgt 1 munt van de bank. |
| Bos | 5 | 3 | Je krijgt 1 munt van de bank. |
| Mijn | 9 | 6 | Je krijgt 5 munten van de bank. |
| Appelboomgaard | 10 | 3 | Je krijgt 3 munten van de bank. |
Groene gebouwen (alleen in je eigen beurt)
| Gebouw | Getal | Kosten | Effect |
|---|---|---|---|
| Bakkerij | 2 tot 3 | 1 | Je krijgt 1 munt van de bank. |
| Buurtwinkel | 4 | 2 | Je krijgt 3 munten van de bank. |
| Kaasfabriek | 7 | 5 | Je krijgt 3 munten van de bank voor elke veehouderij in je stad. |
| Meubelfabriek | 8 | 3 | Je krijgt 3 munten van de bank voor elk bos en elke mijn in je stad. |
| Groente- en fruitmarkt | 11 tot 12 | 2 | Je krijgt 2 munten van de bank voor elk graanveld en elke appelboomgaard in je stad. |
Rode gebouwen (alleen in de beurt van een ander)
| Gebouw | Getal | Kosten | Effect |
|---|---|---|---|
| Café | 3 | 2 | Je krijgt 1 munt van de speler die gooide. |
| Restaurant | 9 tot 10 | 3 | Je krijgt 2 munten van de speler die gooide. |
Paarse grote gebouwen (alleen in je eigen beurt, maximaal één per soort)
| Gebouw | Getal | Kosten | Effect |
|---|---|---|---|
| Stadion | 6 | 6 | Je krijgt 2 munten van elke andere speler. |
| Tv-studio | 6 | 7 | Je kiest één speler en neemt 5 munten van hem af. |
| Zakencentrum | 6 | 8 | Je mag één gebouw uit je stad ruilen met een gebouw van een andere speler. Paarse gebouwen kun je niet ruilen. |
Omdat je met twee dobbelstenen nooit een 1 kunt gooien, levert het graanveld alleen iets op bij spelers die met één dobbelsteen gooien. Gebouwen met een getal boven de 6 worden pas geactiveerd zodra er met twee dobbelstenen gegooid wordt.
Einde van het spel
Het spel eindigt op het moment dat een speler zijn vierde bezienswaardigheid afrondt. Die speler wint. Er is geen puntentelling en de overige spelers maken hun beurt niet meer af.